vrijdag 22 december 2017

Vier sporen beleid in de klas

Op 8 december volgde ik bij Cego de bijscholing 'zelfsturing en ondernemingszin in de klas'. Super interessante bijscholing waar ik veel tips en ideetjes uitgehaald heb. Hieronder een korte toelichting van een van de dingen die ik na de bijscholing aangepast heb in de klas.

Sinds dit schooljaar werken we met de rekenmethode 'Reken Maar!' van Van In. Over het algemeen ben ik zeer tevreden over deze methode. Voor het eerste leerjaar is er een goede opbouw, de oefeningen in het werkschrift zijn doelgericht en relevant en er is heel erg veel extra materiaal beschikbaar (zowel voor zorg als voor verrijking). Dit extra materiaal en de aanwezigheid van het vier sporen beleid in de methode zijn toch een grote meerwaarde tegenover de voorganger 'Rekensprong plus'.*

Ik paste de drie sporen (want heb geen leerling met een andere leerlijn) toe in de klas. Ik gaf de instructie. Bijna de hele klas werkte nadien alleen verder en legde hun rood-groen kaartje op rood indien er een probleem was, er kwam een groep kinderen werken bij mij (miniklas) en de sterke rekenaars maakten, wanneer ze klaar waren met het werkblad, verrijking. Op zich drie sporen. Maar na de bijscholing ontdekte ik dat dit nog dieper uitgewerkt kon worden. Ik ging onmiddellijk aan de slag en de maandag nadien zijn we gestart met de 'gepimpte' versie.
Er zijn nu drie groepen met elk hun symbool. De monstergroep, de ufo-groep en de astronauten groep. (symbolen komen uit illustraties die ik vond op pinterest en in photoshop geknipt heb)
 


De monstergroep zijn de sterke rekenaars (echt sterke rekenaars). Zij maken bepaalde lessen per blok helemaal zelfstandig. Welke lessen dit zijn staat in het begin van de blok aangegeven in de handleiding. Voor de monstergroep noteer ik de pagina's op een blad dat omhoog hangt in de klas. Wanneer zij klaar zijn met deze lessen, beginnen ze aan een verrijkingsbundel. De oefeningen in het werkschrift maken ze individueel, bij de verrijking mogen ze vragen stellen aan elkaar. Wanneer een les echt nieuwe leerstof is, moet de monstergroep ook mee volgen met de instructie.

De ufo-groep zijn de leerlingen die na een instructie alleen kunnen werken. Zij hebben hun rood-groen kaartje op de bank. Bij een probleem leggen ze dit op rood. Het systeem van het rood- groen kaartje kennen ze erg goed en gaat heel vlot want we doen dit al van het begin van het schooljaar. De afspraak is (en dat moet je hen echt aanleren) dat ze niet mogen wachten als hun kaartje op rood ligt. Ze moeten al verder werken aan de oefeningen die wel lukken. Ik ga, wanneer ik even weg kan bij de astronautengroep, langs. Op de bijscholing leerde ik dat je per les ook 'helpers' kan aanduiden. Zelfs in het eerste. Belangrijk is dat je deze kinderen wel uitlegt hoe ze een goede helper zijn en dat je iedereen eens helper laat zijn. Dit heb ik nu al enkele keren toegepast (niet elke keer). Wanneer er helpers zijn hang ik een rood- kaartje op het bord met daaronder de namen van de helpers. Zij mogen dan gaan helpen wanneer er bij iemand een kaartje op rood ligt.

De astronautengroep zijn de leerlingen die het moeilijker hebben met rekenen. Dit is een kleinere groep (bij mij ongeveer 4 à 5 kinderen momenteel) die de oefeningen samen met mij maakt. We werken langer met concreet materiaal en er kunnen oefeningen geschrapt worden. Voor de bijscholing duidde ik telkens aan wie bij mij kwam. Nu vraag na de instructie aan de kinderen wie het moeilijk vindt en denkt dat hij/zij het niet alleen kan. Sommigen kunnen zichzelf goed inschatten, anderen wat minder ;). Uit deze kinderen selecteer ik en geef feedback waarom ik voor wie kies. Zo hoop ik dat ze zichzelf de volgende keer beter zullen kunnen inschatten.

Op zich is er buiten de groepen een naam en symbool te geven niet heel erg veel veranderd, maar toch zorgt dit voor meer structuur. Ook kan ik nu visueel beter aangeven wie wat moet doen. Het werken met 'helpers' is ook nieuw en heel leerrijk voor de kinderen en mezelf.
Na de kerstvakantie wil ik het werken met correctiesleutel invoeren. Wanneer ze dit zeiden op de bijscholing dacht ik even van "wat!? Toch niet in het eerste!". Maar uiteindelijk kan dit alleen maar ten goede komen voor hun zelfsturing. Ik ga beginnen met de monstergroep hun eigen werk te laten verbeteren. Op de bijscholing gaven ze mij de tip om de correctiesleutel ergens weg te leggen zodat de kinderen er naartoe moeten. Ze moeten leren verbeteren door een groene streep onder een fout te zetten, de correctiesleutel terug weg te gaan leggen, op hun plek verbeteren met groen en dan terug verbeteren met de correctiesleutel.

Nog iets interessant om mee te starten dus. Ben al benieuwd wat dit zal geven :).
Andere aanpassingen die ik na de bijscholing deed zal ik later posten ;).

*Natuurlijk zijn er ook nog werkpunten. Zo zijn sommige oefeningen bij de remediëring echt wat 'ver gezocht' naar mijn mening. Daarmee bedoel ik 'oefeningen die in de praktijk niet echt haalbaar zijn wanneer iedereen iets anders van remediëring of verrijking aan het doen is en die naar mijn mening ook geen meerwaarde bieden'. Er zitten ook nog wat schoonheidsfoutjes in sommige werkbladen en de verhalen om de cijfers aan te brengen zijn heel saai. Maar toch blijf ik fan ;)

2 opmerkingen:

Flavie zei

Hallo Lise,

Wij werken sinds dit jaar ook met Reken Maar, vorig jaar nog met Nieuwe-Talrijk. Mag ik jou eens mailen i.v.m. jouw klaswerking?
Wij werken dit jaar en ook vorig jaar deden we dit met het driesporenbeleid (ook omdat we geen lln. hebben met een aangepast curriculum voor rekenen).

groetjes
Ilse

Anoniem zei

Hey Lise! Wat ik me nog afvroeg bij deze manier van werken is het volgende:
- doe je dit voor elk vak of enkel voor rekenen?
- hoe geef je weer op je bord wie welk symbool is? Met naamkaartjes of...?
- als je deze manier van werken voor alle vakken toepast, hoe ziet jouw bordplan er dan uit? Want soms is een kind voor rekenen een 'monster' maar voor taal(lezen/schrijven) een 'astronaut' ... hoe geef je dit dan weer aan de kinderen?
Ik stel deze vragen omdat ik deze manier ook heel graag zou toepassen in mijn 1ste lj, maar ik weet niet goed hoe eraan te beginnen... Ik werkte wel al met drie groepen zoals jij in het begin ook aangaf, maar hoe het voor alle vakken kan weet ik niet..
Voornamelijk omdat alle leerstof voor het 1ste nieuw is he.. de letters aanleren, + en - , ...
Of wacht je tot in januari/februari om voor alle vakken op deze manier te werken?

Sorry voor de vele vragen... ik ben heel benieuwd naar jou antwoord!

Groetjes

Melissa